De negatieve effecten van genotsmiddelengebruik op werkprestaties en samenleving betreft een maatschappelijk vraagstuk dat nog altijd onterecht in de doofpot zit. Dit is opvallend aangezien de problematiek bekend is en de gevolgen aanzienlijk. Proactief beleid hierop zal positief effect hebben. Op indivudeel, organisatie en samenlevingsniveau.
Het behoeft geen uitleg dat een verkeerde inschatting van een piloot of een chirurg onder invloed in het gunstigste geval enkel fysiek letsel oplevert. Maar ook op andere werkterreinen is de problematiek met haar gevolgen evident. Iedereen herinnert zich de beelden op televisie van een dronken Boris Jeltsin in de de jaren negentig van de vorige eeuw. Of recentere voorbeelden als de Oekraïense minister van Binnenlandse Zaken Joeri Loetsenko. Hij diende zijn ontslag in na, door overmatig drankgebruik, wangedrag op de luchthaven van Frankfurt waarbij vier agenten licht gewond raakte. Of de twee rechters die onlangs vanwege hun alcoholverbruik uitgebreid aandacht kregen bij NOVA.
In Nederland werden in 1995 de maatschappelijk kosten van alcoholmisbruik op het werk geschat op 5 miljard gulden. In 2006 meldde het RIVM dat jaarlijks minimaal 810 duizend volwassenen alcoholafhankelijk zijn. Het blijkt dat een grote groep volwassenen met drankproblemen gewoon deelneemt aan het arbeidsproces. Momenteel geven ook organisaties in de geestelijke gezondheidzorg (GGZ) aan steeds vaker gebeld te worden door bedrijven die kampen met deze problematiek.
Ondanks de feiten wordt het thema echter door organisaties ontkend en verzwegen. Het openlijk bespreken en aanpakken van de thematiek zou namelijk kunnen leiden tot reputatieschade; proactief beleid van een organisatie kan impliceren dat een organisatie kampt met deze problematiek. Hiernaast speelt het aspect van aantasting van de privacy wanneer de werkgever zich met het alcohol- en/of drugsgebruik van de werknemers gaat bemoeien.
Anno 2009 houden deze beide argumenten echter geen stand. De leidersschapsstijl van Obama wordt algemeen bewonderd. Verantwoordelijkheid nemen, het onbespreekbare bespreekbaar maken en gezamenlijk werken aan verbetering behoren tot de kerntaken van een échte leider. Ook waar het gaat om het leiden van een organisatie en de omgang met het geschetste dilemma. Dat is voor een manager of bedrijfsleider niet anders dan voor een president.
Angst dat het adresseren van dergelijke reputatiegevoelige maatschappelijke vraagstukken de eigen organisatie schaadt, kan, zoals dat ook kan met andere concurrentie- of reputatiegevoelige onderwerpen als corruptie ketenverantwoordelijkheid of kinderarbeid omzeild worden door het te adresseren bij de brancheorganisatie en zo een sectorale aanpak in ontwikkeling te brengen.
Hiernaast mogen sinds 2007 werkgevers in Nederland onder bepaalde omstandigheden hun werknemers controleren op drugs- of alcoholgebruik in hun vrije tijd. In september dat jaar wees de Hoge Raad hierover een arrest in het voordeel van de werkgever.
Werkgevers zien echter helaas nog onvoldoende de enorme reputatieschade die hun organisatie door overmatig alcoholmisbruik kan oplopen. Wanneer het de werkuitvoering beïnvloedt, neemt de productiviteit af, het aantal fouten toe, evenals ongelukken met materiele schade en/of eigen letsel. Daarnaast kan het ook leiden tot verstoorde werksfeer voor collega’s en tot letsel voor anderen door onoplettendheid of nalatigheid.
Wanneer het primaire doel van een organisatie groei is en het garanderen van haar lange termijn voortbestaan, behoort het voorkomen van reputatieschade door menselijk falen als gevolg van drankmisbruik onder riskmanagement. Wat inhoudt dat beheersmaatregelen voor dit risico moeten worden onderzocht en doortastend moet worden opgetreden. Aangezien 10% van de Nederlandse bevolking tussen 16-69 jaar een probleemdrinker is (Trimbos Instituut), is het realistisch dat binnen de meeste organisaties dergelijke risico’s aanwezig zijn.
Goed werkgeverschap, een term die aan populariteit wint, betekent de feiten onder ogen zien, verantwoordelijkheid nemen voor de veiligheid van werknemers en de relevante omgeving, en proactief verbeteringen nastreven. Dit kan door een eenduidige visie op deze problematiek, goede voelsprieten en nuchter en betrokken handelen. Kortom, het opstellen van een adequaat alcohol- en drugsbeleid en actieve preventie.
Een concreet voorbeeld hiervan betreft het ministerie van Buitenlandse Zaken dat, zo bleek onlangs uit in de media gepubliceerde vertrouwelijke notulen, prioriteit gaat geven aan het bestrijden van alcoholproblematiek bij haar medewerkers. Het ministerie toont hier maatschappelijke verantwoordelijkheid door actie op dit vraagstuk te ondernemen.
Een werkgever zou dus niet alleen buiten zijn bedrijf maatschappelijk verantwoord moeten ondernemen, maar heeft ook de morele verplichting dit binnen zijn organisatie te doen. De privacy van een individuele werknemer mag in dit geval geschaad worden voor het garanderen van de veiligeheid van anderen.
Dit zal zijn reputatie niet schaden, maar juist verbeteren!
Ruben Geradts-ter Linden, consultant bij Good Company